Omarm die particuliere kunstverzamelaar

27/02/2011

 

De Kunsthal toont delen van de private Caldic Collectie onder de titel 'I promise to love you'. Sandra Smets stelt in NRC Handelsblad dat de expositie adembenemend is, maar hoofdzakelijk luxe uitstraalt. Tja, zo worden cultureel ondernemerschap en particulier initiatief weer terug het hok in gestuurd.

Al enkele jaren wordt erover gesproken dat er meer cultureel ondernemerschap in Nederland moet zijn. In het regeerakkoord staat zelfs letterlijk dat dat bevorderd moet worden. Hoe dat moet en welke rol de overheid daarin speelt, blijft onduidelijk. Maar de Rotterdamse Kunsthal laat sinds zijn oprichting al zien hoe je dat ondernemerschap in praktijk brengt. Het is geen gewoon museum, maar een podium waar kunst en cultuur aan een breed publiek gepresenteerd kan worden. De toegankelijkheid staat daarbij voorop.

Volgens recensent Smets “geldt dat de kunst niet van de kijker is, hij er niets van te vinden heeft, het werk van Van Caldenborgh is. […] Bezoekers, deze kunst is niet van jullie. Bewonder en huiver.” Want grote, indrukwekkende kunstinstallaties volgen elkaar op in de Kunsthal. Dat de getoonde kunst dan bijna intimiderend, ja zelfs pochend overkomt, is naar mijn mening eerder een compliment dan een belediging. Toen ik voor het eerst De Nachtwacht in het Rijksmuseum of de Waterlelies in de Orangerie in Parijs zag, was ik ook onder de indruk. Dat kan kunst met je doen, heerlijk.

De cynische ondertoon van Smets doet me denken aan een uitspraak van de directeur van het Museum voor Schone Kunsten in Brussel een tijd geleden. Tijdens een symposium over filantropie deed hij nogal dedain over al die kunstverzamelaars die hun collectie dachten te moeten overdragen aan zijn museum. Waar vaak gewoonweg geen plek meer voor is, zelfs niet in het archief. En belangrijker: waar geen cultuurhistorische visie achter schuil gaat, slechts passie en persoonlijke voorkeur.

Henriëtte Kröller-Muller, Jean Paul Getty, Solomon R. Guggenheim, Jef Rademakers (met zijn romantische schilderijen in de Hermitage): de kunstwereld mag blij zijn met zulke gepassioneerde filantropen. Mijn advies derhalve: omarm die particuliere kunstverzamelaars! Zet museale kennis en begeleiding in om een goede collectie te bouwen die uiteindelijk museumwaardig kan zijn. En laat die verzamelaars gewoon betalen voor jouw advieswerk.

Kijk, dat is cultureel ondernemerschap.